PROGRESSIEVE BULLETINBOARDS IN AMERIKA II """"""""""""""""""""""""""""""""""""""""" R: "Wel, toen ik voor het eerst begon, dacht ik er meer aan in termen van een krant, waar ik voor gewerkt heb. Oorspronkelijk dacht ik er over als een massamedium en het is geen massamedium. Het is meer een soort gespecialiseerd medium voor een gespecialiseerd publiek. Maar ik denk dat organisaties erg goed gebruik kunnen maken van iets als dit. Als een organisatiehulpmiddel, om informatie naar buiten te brengen. Maar het is geen massamedium. Zelfs als ik honderd telefoonlijnen had, kon ik niet op tegen het kleinste radiostation wat betreft het bereiken van mensen. Een blad met een oplage van 10.000 zou meer mensen bereiken dan ik zou kunnen." Richard wil in de toekomst proberen een netwerk op te zetten met andere linkse bulletinboards. Hij denkt ook aan het gebruik als bron voor een klein alternatief blad. R: "Ik denk dat we nog steeds uitproberen hoe we het kunnen gebruiken. Het kost tijd om te leren hoe je een komputer gebruikt. Je moet er voor gaan zitten. En als je aan het organiseren bent heb je niet veel te om te gaan en te leren de komputer te gebruiken. Naarmate de komputerdeskundigheid toeneemt, dan denk ik.. Veel politieke mensen, in ieder geval in deze streek, hebben een erg Luditische houding t.o.v. technologie: sla de machines kapot. Mijn idee is dat we ze moeten gebruiken want de oppositie gaat ze zeker gebruiken. En ik denk dat we verplicht zijn dat ook te leren." Rond dezelfde tijd, 4 jaar geleden, dat Richard Gaikowski in San Francisco met komputers begon te experimenteren, ging een kennis van hem in New York aan de slag. Ik sprak hem twee weken later in Brooklyn, New York. Een beetje eng deel van de buurt. Verlaten en vervallen fabrieken of pakhuizen in een kort stukje straat. Het loopt af naar het water waaruit de pijlers omhoog torenen van de Brooklyn Bridge. Een patrouillerende bewaker. Bill Bowles huurt goedkoop een etage in zo'n gebouw en heeft er een prachtige ruime woning in gebouwd, zoals je hier wel eens ziet in grote kraakpanden. Hij heeft een bulletinboard op een Apple Macintosh. Waar Richard over denkt, het gebruiken van zijn board als bron voor een alternatief blad, brengt hij sinds een jaar in praktijk. En wel via wereldwijde komputerkommunikatie die hem niets kost. Het blad heet Southscan en verschijnt iedere week met nieuws over zuidelijk Afrika. Bluf! gebruikt de europese versie wel eens voor haar anti-apartheidsnieuws. Op de amerikaanse versie kun je een elektronisch abonnement nemen, in je elektronische postbus, of een papieren abonnement. Bill: "Het begint in zuidelijk Afrika en Europa. We hebben een groep journalisten in Zuid Afrika, Zimbabwe, Mozambique, Angola, Zambia, in de belangrijkste hoofdsteden van Europa zoals Londen en Brussel, en hier in Washington DC. Ze sturen elektronisch berichten naar Londen, ook vanuit Afrika ja. De redakteur van Southscan zit in Londen. Hij verzamelt alle informatie, redigeert het, geeft het vorm en verspreidt een europese uitgave op papier. En tegelijkertijd zendt hij mij de kopij elektronies. Via Peacenet." Peacenet, een computernetwerk van de vredesbeweging, levert die dienst gratis in ruil voor oude nummers van Southscan. Bill layout de amerikaanse versie elektronisch (naast kommercieel layoutwerk waar hij geld mee verdient) en stuurt het weer via een telefoonlijn naar een bedrijf dat een laserprinter en fotokopieerapparatuur heeft staan. Daar wordt het tweezijdig gekopieerd en geraapt. De produktie van het hele blad, 8 pagina's, via het fotokopieerbedrijf kost 30 dollarcent. Zonder al deze apparatuur zou het fysiek onmogelijk zijn dat een persoon dit weekblad maakte en zeker niet voor die prijs. Bill vindt de kombinatie van elektronische en traditionele media van essentieel belang: "Als het alleen maar een bulletinboard is, wel dat is o.k. Maar ik denk dat wat kruciaal is bij deze technologieen is ze te integreren in de traditionele manieren om mensen met elkaar in kontakt te brengen. Wat het in essentie doet is dat het mensen met elkaar samen brengt, ideeen samenbrengt en gebeurtenissen samenbrengt." Hij vertelt dat tot voor kort ook de linkse komputergebruikers toch op de eerste plaats mensen met een speciale belangstelling voor komputers waren maar het laatste jaar is dat drasties aan het veranderen. Wat geschiedenis: "Toen ik voor eerst met komputers begon te werken, ongeveer 6 jaar geleden, op een kleine Commodore, had ik geen bulletinboardsoftware of iets in die richting. Je weet dat er waarschijnlijk duizenden bulletinboards draaien in de VS. Maar 99,9% daarvan is niet politiek. Ze hebben meestal te maken met komputers, hackers, programma's, kortom sociale hobbies. Ik schreef toen artikelen onder de naam New York On Line, die ik elektronisch verspreidde over bulletinboards. Ik belde bulletinboards en vroeg: willen jullie mijn column? De columns gingen over en breed gebied van onderwerpen, zoals komputers en de wet, komputers en kapitalisme, dingen over Bell telephone, of wat er die week maar een aktueel thema was. Dat is hoe het begon: ik gebruikte een bestaand netwerk van elektronische systemen om radikale ideeen naar buiten te brengen. Tenslotte zette ik mijn eigen bulletinboard op met een Apple II, zo'n 4 jaar geleden. In de beginjaren - 4 jaar geleden was in de beginjaren (lacht) - was ik alleen. In de VS waren er twee andere progressieve bulletinboards. De eerste was The Well, opgezet door Stewart Brand, de oprichter van de Whole Earth Catalog. In feite draait The Well nog steeds in Californie. En er was een board in San Francisco, Newsbase genaamd, van Richard Gaikowski en dat was het. We waren helemaal alleen."