Hardware en opbouw van de Amiga """""""""""""""""""""""""""""""" Voor we verder gaan met het werken met de Amiga, is het belangrijk wat te vertellen over hoe de Amiga in elkaar zit. Hierbij gaan we uit van de Amiga 500, omdat dit het kleinste, goedkoopste en meestverkochte model is. Maar er zijn ook nog andere modellen. Zo is er het model 1000, de "oer-Amiga", die rond 1985 op de markt werd gebracht. Hiervan zijn er in Nederland niet al te veel van verkocht, omdat hij met zijn prijs van zo'n 4000 gulden tussen de hobby- en zakelijke markt inzat. Een aantal jaar later kwam Commodore met twee nieuwe modellen: de 500 en de 2000. De Amiga 500 was bij uitstek bedoeld voor het "Commodore 64 publiek": dus voor thuisgebruik. De Amiga 2000 was bedoeld voor de gebruiker, die wat meer eisen stelde en die graag met het oog op de toekomst over goede uitbreidingsmogelijkheden wilde beschikken. De Amiga 2000 was dan ook een kast met een los toetsenbord, zoals bij MS-DOS computers meestal het geval is. In die kast kon men gemakkelijk en goedkoper allerlei apparatuur zoals extra geheugen en disk drives inbouwen. De Amiga 500 was daar niet in voorzien: het toetsenbord was ingebouwd in de computerkast, zoals bij veel thuiscomputers het geval was. Na de introductie van de Amiga 2500, een op het bedrijfsleven gerichte versie, kwam Commodore nog niet zo lang geleden met de Amiga 3000, het paradepaardje tot nu toe. Ook de 3000 was weer een kast met los toetsenbord, maar met niet al te veel uitbreidingsmogelijkheden, omdat een heleboel extra's al ingebouwd was. Het meest recent kwamen de Amiga 500 Plus uit en de Amiga 600. De eerste leek de logische opvolger voor de Amiga 500, qua uiterlijk zo goed als gelijk, maar voorzien van een nieuwe enhanced chipset en AmigaDos 2.0. Een nieuw tijdperk. De Plus was nog niet koud in de winkel of daar was opeens ook de 600. Aanmerkelijk kleiner dan de 500, maar wel met de zelfde mogelijk heden als de Plus. Daarbij zit er in de machine standaard een 20 Mb harddisk van 2 1/2 inch. En dat alles voor een prijs die gelijk is aan de prijs van de 500 enkele jaren geleden. De 600 is qua binnenwerk anders dan de overige Amiga's. In deze machine is gebruik gemaakt van de SMD techniek. Het zou te ver voeren om dat hier allemaal uit te gaan leggen, maar globaal zou je kunnen zeggen dat alle chips rechtstreeks op het moederbord bevestigt zijn. Daardoor is zelf knutselen er niet meer bij. Deze techniek is om te produceren goed- koper en daardoor kan de prijs zo vriendelijk zijn. Een ieder zal nu meteen denekn aan het aantal keren dat hij zijn CIA chips naar de andere wereld heeft geholpen. En ook die zijn nu niet meer zelf te verwisselen. Geen punt, want Commodore heeft aan dat probleempje gedacht en gezorgd dat de CIA's nu veel beter gebufferd zijn. Naast de reguliere Amiga's is er tegenwoordig ook een die minder in het oog loopt, de Amiga CDTV. Een kas die eruit zit als een gewone CD speler en dat in zekere zin ook is, maar daarnaast zit er in dezelfde kast een Amiga 500 moederbord en kan de CD speler fungeren als een soort CD Rom. Daardoor is het mogelijk om naast het gewone audiogeluid ook computerspellen gelijk tijdig te spelen. door de enorme opslagcapaciteit van een dergelijke CD, 550 Mb, kan zeker in de toekomst enorm veel. Een programmeur kan zich helemaal uitleven en b.v het plaatsen van animatie's in een programma is geen enkel probleem. Helaas is het voorlopig nog zo dat men alleen voorbespeelde CD's kan gebruiken. Het beschrijven van een CD kan wel degelijk, maar is de komende jaren alleen al qua kostprijs ver buiten het budget van een gewone hobbyist. Processor Een belangrijk onderdeel van een computer, zoniet het belangrijkste, is de microprocessor, wat je zou kunnen vertalen met "centrale verwerkingseenheid". Wat doet deze processor? Hij is in feite de baas in de computer: alle andere onderdelen staan onder controle van deze chip. In de processor wordt al het rekenwerk gedaan, maar niet alleen het gewone rekenwerk, ook bewerkingen met tekst bijvoorbeeld. In feite is wat wij in de wandelgangen aanduiden als "het programma" niets anders een grote serie opdrachten geschreven in een soort taal, die de processor moet uitvoeren. Een belangrijk begrip is kloksnelheid. De processor krijgt seintjes van een klok wanneer hij een opdracht mag uitvoeren. Een opdracht van een programma duurt een of meer kloktikken. Het is duidelijk dat des te hoger de kloksnelheid is, des te sneller de computer is. Nou gaat de vergelijking met een gewone klok niet helemaal op; de klok van de Amiga (niet te verwarren met een eventueel aanwezige klok die de normale tijd en datum bijhoudt!) tikt met een frequentie van ruim 7 MegaHertz. Dus meer dan 7 miljoen tijdpulsjes per seconde! In zowel de Amiga 500 als de Amiga 2000 zit een processor van het type "68000", van de fabrikant Motorola. Het is een veelgebruikt type, ook in de Atari ST zit er een, evenals in de Apple Macintosh. In de Amiga 3000 zit weer een ander type, de 68030, die, zoals je wel zult vermoeden, een stuk sneller is. Gelukkig is het niet (of in ieder geval niet altijd) zo dat programma's die op een Amiga 500 gemaakt zijn het niet doen op een Amiga 3000, omdat die een andere processor heeft. De 68030 is namelijk "compatible" met de 68000, dat wil zeggen, hij kan alles wat zijn voorganger kan, maar dan meer, sneller enzovoorts. Maar voor de wat "mindere" Amiga's zijn (tegen een aardig bedrag natuurlijk) ook zogenaamde "turbo-kaarten" te koop, met daarop een snellere processor, zoals de 68010, de 68020 of zelfs de 68030. Er is inmiddels zelfs al weer sprake van een 68040 processor. Men noemt deze processors tezamen de "68000-familie". Geheugen Ook een belangrijk onderdeel dat de prestaties van je computer bepaalt is het geheugen. Want des te meer geheugen je hebt, des te meer je er mee kunt doen. Er zijn twee soorten geheugen: RAM en ROM. ROM betekent "read only memory" en RAM "random access memory", maar dat mag je onmiddellijk vergeten want iedereen heeft het alleen over RAM en ROM. Wat wel belangrijk is om even te onthouden, is dat de processor uit het ROM-geheugen alleen informatie kan halen ("lezen") maar niet zelf erin zetten ("schrijven"). Terwijl je in het RAM-geheugen zowel kunt lezen als schrijven. Men noemt RAM ook wel het "werkgeheugen". Het verschil tussen RAM en ROM komt ook duidelijk naar voren als je de computer uitzet: alles wat in ROM staat blijft behouden, maar wat in RAM stond (bijvoorbeeld een programma) ben je absoluut kwijt. Maar, zo zul je je misschien afvragen, wat heb je dan aan ROM en RAM? Toch heel wat, alhoewel dat niet op het eerste gezicht duidelijk is. Als je niet wilt dat je je programma's, plaatjes, tekst, muziek en noem maar op, kwijt bent als je de stekker uit het stopkontakt trekt, moet je op een of andere manier die ergens op kunnen slaan. In de praktijk is dat meestal op een diskette, maar daar hebben we het zodirekt nog over. En dan nog, wat heb je dan aan ROM? Als je er alleen maar uit kunt lezen? Weinig, inderdaad, behalve als je zelf programmeur bent. In dat geval zou je namelijk alles maar dan ook alles zelf moeten uitprogrammeren. Bijvoorbeeld het aansturen van de monitor als je een plaatje op het beeld wilt, of het aansturen van de disk-drive als je een tekst op de diskette wilt opslaan. Omdat dat soort dingen moeilijk is, erg technisch, en toch ook vaak voorkomt, hebben de meeste makers van computers (bij de Amiga is dat Commodore) zelf een programma gemaakt dat dat voor je doen. Zoiets wordt een "besturingssysteem" genoemd, en zit meestal in ROM. Aan het besturingssysteem van de Amiga heeft men de naam "Kickstart" gegeven, bij de Atari ST heet het "TOS", en bij de MS-DOS computers heet het......MS-DOS, inderdaad. Tussen twee haakjes, de allereerste Amiga, de Amiga 1000, had zijn Kickstart niet in ROM, maar moest vanaf een diskette in het RAM-geheugen worden geladen. Dit kwam, doordat de Kickstart nog niet helemaal af was en nog een aantal bugs bevatte. Om te zien welke versie van Kickstart jij in je Amiga hebt zitten kun je het volgende doen: de Amiga aanzetten, en geen diskette in de disk-drive doen. Na een tijdje verschijnt een hand op het beeldscherm die een diskette vasthoudt. Aan de rechterkant zie je dan het versienummer. op de oudere computers hadden we versie 1.2, opgevolgd door 1.3 die niet eens zo gek veel verschilde met zijn voorganger. Inmiddels zijn we bij de 2.X serie aangeland. Op het moment dat we dit schrijven is versie 2.05 net op de markt, maar die zal in de toekomst zeker nog nieuwe broertjes gaan krijgen.