WERKEN MET WORD-PERFECT OP DE AMIGA deel 18 """"""""""""""""""""""""""""""""""""""""""" Printer """"""" Voor het kiezen van de printer slaat U nu <3> aan of klikt U 'Printercode definities' aan en kiest de aan te passen printer uit de afgebeelde lijst. Kunt U het type printer wat U wilt hebben niet vinden dan kiest U een standaard printer, bijvoorbeeld Standard Printer of Standard Typewriter. In het nu opgeroepen scherm kunt U de commando's voor de verschillende printerfuncties invoeren. Wilt U de printer van af het begin opnieuw definieren dan start U met de initialiseringsaanduiding op pagina 1 en U werkt zich verder commando voor commando door de rest van de pagina's. Wilt U slechts enkele besturingsaanduidingen veranderen dan kunt U via het menu direkt naar de desbetreffende pagina springen. Om bepaalde functies te sturen dient U telkens die besturingscodes in te voeren, die de printer volgens het handboek nodig heeft. De Decimaalcodes dient U tussen <> te zetten. Codes tussen 32 en 126 kunt U ook direkt door middel van de desbetreffende letter invoeren, bijvoorbeeld <27>x<1> voor NLQ-schrift. Bovendien heeft U de beschikking over een stel speciale codes, welke zijn: Schakelt voor het daarop volgende teken naar een aander lettertype over en daarna weer terug. Stelt de laatste regelafstand in, nadat deze veranderd werd. Hersteld zoals de laatste schakeling. Laat de wagen terug lopen zonder een return en beweegt de cursor terug naar de laatste positie. Stuurt de daarop volgende codes aan het begin van elke zin naar de printer. Geeft een geluidssignaal en wacht op een 'Go' in het printerprogramma, bijvoorbeeld om het lint te vervangen. Beweegt de printerkop horizontaal voorbij de erop volgende decimaal-waarde. Beweegt de printerkop horizontaal voorbij de erop volgende ASCII-waarde. Schakelt bij printers die met microstappen kunnen werken over van drievoudige op tweevoudige vetdruk. Initialiseert een Tandy DWP IIB-printer. Beweegt de printerkop verrticaal voorbij de erop volgende decimaal-waarde. Beweegt de printerkop verticaal voorbij de erop volgende ASCII-waarde. Schakelt proportioneel lettertype in Schakelt proportioneel lettertype uit Schakelt over na het daarna aangegeven lettertype

Schakelt terug naar het lettertype wat voor actief was. Definieert de tekenbreedte voor een lettertype met harde schriftschakeling in tienden van een pitch. Pitch is de eenheid die het aantal tekens per inch aangeeft. Voert een algemene printerinitialisatie uit ( reset ). Beweegt de printerkop met de daarop volgende decimaalwaarde in microstappen verder. Beweegt de printerkop met de daarop volgende ASCII-waarde in microstappen verder. Voorziet in het zenden van het teken 'z' van het lettertype 'n' (). Zoals , alleen in dit geval met het actuele lettertype. Zendt een bestand een-voor-een naar de printer. (bestandsnaam). Gebruikt de onder 'Prefences' ingestelde Amiga-printerdriver. Verschillende van deze hierboven genoemde commando's, bijvoorbeeld die over microstappen, kunnen niet door alle printers uitgevoerd worden. Het is daarom verstandig om in alle gevallen het printerhandboek te raadplegen. Tekentabellen """"""""""""" Tot de onder optie drie ingevoerde commando's behoren ook de codes voor acht verschillende lettertypen en de daarbijbehorende tekentabellen. De tekentabellen zelf kunt U door middel van optie 4 van het PrintDef- programma aanpassen. Bevindt U zich in de printerdefinitie, optie 3, kunt U direkt naar de tekendefinitie springen door middel van <9> of 'Beeldscherm/Tekentabellen voor lettertypen'. U kunt nu het door U gewenste lettertype uit de afgebeelde lijst kiezen. Daarna verschijnt er een tabel op Uw scherm. Afhankelijk van het lettertype verschijnen er maximaal vier kolommen per teken op het beelscherm. Nu vergelijkt U deze lijst met de tabel uit het handboek van de printer. Ga met de cursor naar de waarde die niet overeen stemt met de handleiding en voer in om de juiste besturingscode in te geven, om de tekenbreedte bij gebruik van een proportioneel lettertype aan te passen, en om de basispositie van een teken in microstappen te veranderen. De vierde kolom, die de basispositie van de tekens aangeeft, verschijnt alleen bij printers die microstappen kunnen uitvoeren. Meestal is het geen probleem om voor een bepaald teken meerdere codes in te stellen. Definieert U de printer vanaf het begin opnieuw, dan kunt U het beste de lettertypen 'Standard ASCII' of 'Standard PS' ( PS staat voor proportioneel ) gebruiken. Vergeet U niet deze ook bij de printerdefinitie met of 'Beeldscherm/Tekentabellen voor lettertypen' in te stellen. Invoer van losse vellen """"""""""""""""""""""" Gebruikt U een printer waarbij U losse vellen invoert, dan zult U ook gebruik maken van optie 5 uit het menu. Net als bij de printerdefinitie kiest U uit een methode van invoer en vervolgens voert U de codes voor de invoer en het uitdraaien in. Testbestanden """"""""""""" Om het definieren van de printer(s) wat makkelijker voor U te maken staan de vier bestanden PRINTER.TST, FONT.TST, PSMS.TST, en PSHMI.TST op de PRINT-diskette. Helaas zijn zij overgenomen van de Amerikaanse WordPerfect versie en dus niet in het nederlands, maar desondanks zijn ze toch een waardevolle hulp bij het optomaliseren van een printerdriver. Met behulp van PRINTER.TST kunt U de speciale functies van Uw printer op een makkelijke manier testen. Komen de tekens die afgedrukt worden niet overeen met de tekens die U ingevoerd heeft dan stemt de driver niet overeen met Uw printer of Uw printer kan deze functies niet uitvoeren. Met optie 3 uit het 'PrintDef'-programma kunt U de driver en de printer op elkaar afstemmen. In FONT.TST staat een tabel met daarin alle tekens die op het scherm afgebeeld kunnen worden. Om te zien of al deze tekens goed verwerkt kunnen worden drukt U dit bestand af. Is de verwerking niet goed dan past U de gebruikte tekentabel met optie 4 van het PrintDef-programma aan. Het bestand PSMS.TST helpt U bij het samenstellen van tekenbreedten bij proportioneel lettertypen. Zijn deze in de tekentabel juist aangegeven dan zorgt WordPerfect ervoor dat ook bij proportioneel lettertypen een correcte rechterkant wordt aangehoudenen dat tabulatorkolommen niet uit elkaar worden getrokken. Drukt U PSMS.TST af, dan verschijnen er telkens 30 tekens naast elkaar. De lengte van de rijen, gemeten in millimeters, gedeeld door 6 geeft afgerond de waarde, die in de 'Brdte'-kolom van de tekentabel moet staan. Een op deze manier aangepaste tekentabel kunt U testen met het bestand PSHMI.TST. De afzonderlijke kolommen moeten zonder 'flodderrand' worden afgedrukt. Bij het verlaten van de printer-, tekentabellen- of losse vellen tekentabel wordt U gevraagd of de bestaande driverbestanden overschreven moeten worden. Bevindt zich de originele PRINT-diskette zich in het station bevestigd U deze vraag dan in geen geval, de oorspronkelijke definitie zou namelijk verloren gaan. In het andere geval is het altijd nog mogelijk het oude bestand te herstellen door het kopieeren van de bestanden PRINTER.PRT, FONT.PRT en FEED.PRT van de originele diskette.