Werken met Amos 22 """""""""""""""""" Basis grondbeginselen """"""""""""""""""""" Dit hoofdstuk gaat over de basis regels die gebruikt worden om een AMOS Basic programma te maken en laat je zien hoe je jouw manier van programmeren kunt verbeteren met behulp van de AMOS Basic procedures. Variabelen """""""""" Variabelen zijn namen die gebruikt worden om naar de bewaarplaatsen binnen de computer verwijzen. Deze plaatsen bevatten berekeningen die in een van je programma's gedaan zijn. De keuze van de namen van de variabelen is aan jou zelf en kan elke reeks letters of andere reeks leestekens bevatten. Er zijn maar enkele beperkingen. Alle variabelen moeten met een letter beginnen en kunnen geen AMOS Basic kommando hebben. Hoewel je sleutelwoorden wel in die naam mag gebruiken. Variabelen zoals VPRINT en SCORE zijn prima. Variabelen moeten aan elkaar geschreven worden en mogen geen lege ruimtes bevatten. Is zo'n ruimte echt nodig, dan kan het "_" streepje (Shift min) daarvoor in de plaats gebruikt worden. Hieronder enige toegestane namen: AWHILE$,HIGH_SCORE,TEST_FLAG,HEIGHT# De maximum lengte van deze variabelen is 255 Lettertekens, bijvoorbeeld: A_VERY_LONG_NAME=10:Rem Dit is goed Hieronder enige voorbeelden van verkeerde namen. De verkeerde bits zijn onderstreept voor de duidelijkheid. WHILE$,5C,MODERN#,TOAD Soorten variabelen """""""""""""""""" AMOS Basic geeft je de mogelijkheid om drie soorten variabelen te gebruiken. Integers """""""" In tegenstelling tot andere Basic talen, neemt AMOS aan dat alle variabelen integers zijn. Integers zijn hele getallen zoals 1,3, of 8 en zijn ideaal om waardes die in je spel voorkomen te bevatten. Omdat van hele getallen berekeningen veel sneller zijn dan met de gebruikelijke decimale getallen, krijgt je spel een enorme verbetering in snelheid. Elk heel getal wordt in vier bytes gezet en heeft een bereik van -147.483.648 tot 147.483.648. Enige voorbeelden: A,NUMBER,SCORE,LIVES De ware nummers """""""""""""""" In AMOS Basic worden deze variabelen altijd gevolgd door een matje (#) teken. Ware getallen kunnen een gedeelde waarde hebben zoals 3.1 of 1.5 Ze kunnen overeenkomen met de standaard waarden die in de meeste Basic talen voorkomen. Elke ware variabele heeft een nauwkeurigheid van 7 decimalen. Voorbeelden: P#,NUMBER#,TEST# Regelreeks (string) variabelen """""""""""""""""""""""""""""" String variabelen bevatten in plaats van cijfers een tekst. Ze onderscheiden zich van de normale variabelen door het $ teken aan het eind. De lengte van de tekst kan alles zijn van 0 tot 65.500 letters. Voorbeelden van string variabelen. NAME$,PATH$,ALIEN$ Het geven van een waarde aan een variabele """""""""""""""""""""""""""""""""""""""""" Het geven van een waarde aan een variabele is makkelijk. Kies een geschikte naam en geef het via het "=" teken een waarde. VAR=10 Dit laad de variabele VAR met een waarde van 10. Afhankelijk van het type variabele kan het een getal of een reeks lettertekens (string) bevatten. Om een string aan een variabele toe te wijzen omsluit je de string met aanhalingstekens: A$="Hello" Zie je het $ teken. Nu weet AMOS dat de variabele letters bevat in plaats van een getal.