Werken met Personal Paint -6- """"""""""""""""""""""""""""" Onder GRADIENT ziet u een tweetal symbolen staan, de linkse heeft 2 werkingen, de rechtse maar liefst 5. Deze symbolen bepalen op welke manier het vak met gradatie gevuld moeten worden. We hebben een aparte plaat bij gevoegd met de mogelijkheden. De derde vul mogelijkheid is PATTERN. Het in het venster zichtbare patroon zal het totale geselekteerde oppervlak vullen. Daaronder ziet u Dithering in Pattern, wanneer u de slider, die standaard op 50 procent staat verschuift ziet u ook een verschuiving plaatsvinden in het pattern venster. Wanneer u gebruik maakt van 2 kleuren en de slider staat op 50, dan zullen beide kleuren gelijk vertegenwoordigt zijn in het patroon. Wanneer u de slider verschuift naar b.v 75%, dan zal er van de ene kleur nog maar 25% en van de andere kleur nog 75% in het pattern verte- genwoordigd zijn. Zie plaatje 12 + 13 De Airbrush """"""""""" Ook bij het airbrush tool hebben we de mogelijkheid om de rechtermuisknop te gebruiken om zaken in te stellen. Wanneer u de knop gebruikt verschijnt er een requester op het scherm met de volgende mogelijkheden: Bovenin ziet u de bij SHAPE dat de huidige instelling ELLIPTICAL is, het geen inhoud dat wanneer u de airbrush langere tijd op 1 plek op het scherm laat spuiten er uiteindelijk een ronde dichte vorm zal ontstaan. Door op de Shape knop te drukken kunt u die instelling veranderen in RECTANGULAR waarbij er uitgegaan word van vierkante vormen. Een 2e instellingsmogelijkheid is die van de JET COUNT. Deze zal standaard op '0' staan. De waardes kunnen hier van -20 tot 1000 bedragen. Wanneer de waarde '0' is zal er een constante airbrush plaatsvinden, bij een negatief getal zal u merken dat er tussen het op het scherm spuiten van pixels en de volgende pixels behoorlijk wat tijd komt te zitten en bij b.v 1000 zal bij elke druk op de muis een grote hoeveelheid pixels naar het beeld gespoten worden waarbij bijna een complete cirkel ontstaat. De reden van deze instelling zal duidelijk zijn. Wanneer u behoefte hebt aan een lichte spray over andere kleuren heen, dan zet u de waarde zo laag mogelijk en beweegt u de muis wat sneller waardoor de pixels licht over het hele scherm verspreid worden. Bij een hoge waarde beweegt u de muis minder en worden er veel pixels op 1 plek gespoten. Zie plaatje -14- Het Font-requester """""""""""""""""" Wanneer we met de rechtermuisknop op het tekst-icon in de toolbar klikken verschijnt er een requester op het scherm. Dit font-requester geeft u de mogelijkheid om een keuze te maken van welke lettersoort u wilt gaan gebruiken in uw tekening. De inhoud van de directory FONTS van uw harddisk wordt in het requester zichtbaar gemaakt. Bij de Amiga kennen we verschillen de soorten letters, we hebben letters die qua maat vastliggen, de z.g Bitmap fonts en de z.g Out-line fonts, letters die we traploos kunnen vergroten tot elke gewenste grootte. De hoeveelheid beschikbaar geheugen bepaalt hoe groot u de letters daadwerkelijk kunt maken. Bij Bitmap fonts zult u bij vergroten van de letters geconfronteerd worden met z.g muizen- trappetjes, de randen van de letters zijn trapvormig. Bij Out-line fonts zal een letter, ongeacht de ingestelde grootte altijd 'strak' van vorm blijven. Verder kenne we bij de Amiga ook nog Monochrome en Color fonts. Bij monochrome (de meest voorkomende) letters hebben we het over letters in 1 kleur die altijd binnen de tekening toegepast kunnen worden. Bij Color fonts echter hebben we te maken met het kleurenpalette dat het kleuren font gebruikt. Wanneer u colorfonts wilt gaan gebruiken moet u voordat u gaat tekenen eerst het font oproepen en het dan onstane kleurenpalette gebruiken om verder uw tekening te maken. Personal Paint kan met al die verschillende lettersoorten uit de voeten. Een tip: Vooral bij kleine letters/teksten op het scherm kunt u het beste een bitmap font gebruiken, die zal in dat geval het mooist en duidelijkst op het scherm overkomen. Het fontrequester lijkt heel erg op een gewone file-requester, er is een lijst van beschikbare files (fonts) die geselekteerd kunnen worden door er met de muis op te klikken. Rechts is een venster te zien waarin gegevens zoals groottes en eventuele attributes van het font te lezen zijn. Onder in het requester is een venster zichtbaar waarin een stukje tekst in de door u geselekteerde lettersoort te zien is waardoor u voordat u het font daadwerkelijk kiest kunt zien hoe de weergave van het font op het beeld scherm zal zijn. Deze tekst bevat overigens alle 26 letters van het alfabet: 'The quick brown fox jumps over the lazy dog'. Het kan zijn dat uw font directory door het programma niet gevonden kan worden en dat toch de fonts TOPAZ 8 en TOPAZ 9 toch bereikbaar zijn. Dat kan omdat deze fonts in de ROM van uw machine werden meegebakken waardoor ze altijd beschikbaar zijn. TOPAZ 8 is b.v het font dat de computer standaard gebruikt om b.v het Workbench scherm van teksten te kunnen voorzien. U kunt een font selekteren door in het requester op een van de namen te klikken, deze naam zal vervolgens automatisch in het tekst venster onder in het requester te zien zijn net als de eventuele groottes en attributes die bij dat font horen. Een tekstvoorbeeld in de huidige grootte wordt in het onderste venster getoond. Naast dit venster ziet u een drietal knoppen met daarin de letter A. Met deze knoppen kunt u een aantal standaard tekst mogelijkheden instellen, van boven naar beneden zijn dat: Vet, de letters die u op het scherm zet zullen dikker zijn dan de standaard letter. Italic, de letters die u op het scherm zet zullen in schuinschrift verschijnen. Underline, alle door u getikte tekst wordt voorzien van een onderstreping. Deze 3 funkties kunnen zowel los van elkaar al met elkaar gebruikt worden. Het is dus mogelijk een tekst te maken die in vette italic en met underline op het scherm verschijnt. Wanneer u rechts in het requester kijkt, dan ziet u daar behalve de grootte van het font ook een aantal letters achter dat getal staan. Deze letters zijn de z.g attributes en vertellen ons met wat voor soort letter we te maken hebben. De volgende mogelijkheden zijn aanwezig: Karakter Attribute ----------------------- u Underlined b Bold (vet) i Italic (schuinschrift) e Expanded (bitmap font dat toch vergroot werd) r Lettersoort die van rechts naar links geschreven wordt f Fixed Pitch ( Bitmap font met vastgestelde grootte) t Tall dots, font speciaal voor gebruik in Hi-Res (640X256) w Wide dots, font speciaal voor gebruik in lo-res lace (320X512) c Kleurenfont o ROM font (Topaz) s Scaled font, een verkleind bitmap font buiten de vaste maten v Vector font, een outline font dat willekeurig vergroot kan worden. Een font kan over meer dan 1 attribute beschikken. Bij het gebruik van kleurenfonts zal het kleurenpalette meteen aangepast worden zodat u in het onderste venster een goede weergave krijgt van hoe de tekst er eventueel op het scherm uit gaat zien. Toch hoeft deze weer- gave niet altijd even perfekt te zijn. De reden daarvan kan zijn dat u b.v een 16 kleuren font probeert in te laden in een werkomgeving die slechts 8 kleuren in zich heeft. Dan kan het zo zijn dat u wel allerlei fonts op uw harddisk geinstalleerd hebt staan, maar dat lang niet alle fonts in het requester zichtbaar zijn. Dat euvel is in de meeste gevallen op een simpele manier op te lossen door in de Workbench het programma FIXFONTS in de directory SYSTEM even te draaien.U ziet in dat geval het lampje van uw harddisk driftig aan en uit gaan, verder gebeurt er niets. Intern worden echter alle fonts nagekeken en op zijn plaats gezet. Als u na het gebruik van Fixfonts uw tekenpakket opnieuw opstart en de fonts opvraagt zullen in de meeste gevallen de fonts wel getoond worden. zie plaatje -15-