WERKEN MET WORD-PERFECT OP DE AMIGA deel 9 """""""""""""""""""""""""""""""""""""""""" LETTERSOORTEN """"""""""""" Gebruikte lettersoorten dragen naast de opmaak van een tekst een steentje bij voor het totale uiterlijk van Uw tekst. In deze les nemen wij U mee door de opties van het menu stijl. Vet """ Deze optie is een van de meest gebruikte, U kunt hem aan- of uitschakelen door aan te slaan of door 'Stijl/Vet' te kiezen. Heeft U eerst een blok gemarkeerd voor het aanslaan dan zal dit hele blok vet in beeld verschijnen. Onderstreept """""""""""" Met 'Stijl/Onderstrepen' of het aanslaan van kunt U tekst gaan onderstrepen. Op welke manier dit bij het afdrukken gebeurt kunt U bepalen met behulp van <4>. Bij de 'onderbroken'-onderstreping worden tab-sprongen en het gewone inspringen niet mee onderstreept. Ook is het mogelijk door eerst een blok te markeren dit blok in een keer in zijn geheel te laten onderstrepen. Cursief """"""" U schakelt de functie cursief in door middel van of 'Stijl/Cursief'. Ook hier is het weer mogelijk de tekst als blok te markeren en de tekst schuin te strijken. De tot hiertoe behandelde opties worden op het scherm getoond en kunnen in combinatie gebruikt worden. Wilt U een van de opties verwijderen dan zult U de code moeten verwijderen. Super- en Subscript """"""""""""""""""" Om een teken van Sub- of superschrift te voorzien slaat U aan of kiest U 'Stijl/Superschrift' of 'Stijl/Subschrift'. WordPerfect voegt dan de code Supschr of Subschr in. U hoeft deze functie niet uit te schakelen want alleen het teken achter de code wordt in Sub- of Superschrift afgebeeld. Als U een blok gaat bewerken met een van deze twee functies dan wordt er voor ieder teken in dit blok een code geplaatst. Wijst de cursor op een teken met Sub- of Superschrift dan verschijnt er in de statusregel onderaan het scherm achter de cursorpositie een S of s. Met behulp van de functies <4> en <5> of 'Stijl/Verschuif/ Verschuif op' resp. 'Stijl/Verschuif/Verschuif neer' wordt de tekst een halve regel hoger dan wel lager geplaatst, zonder dat dit invloed heeft op de groote van de tekens. Wilt U na het afdrukken van een halve regel hoger weer terug naar de normale regelhoogte dan roept U de functie voor een halve regel lager afdrukken op. Ook kunt U met de functie 'Stijl/Verschuif/Verschuif naar regel' of <6> meteen naar een bepaalde regel springen een wordt daar met het afdrukken begonnen. Tekencombinaties """""""""""""""" Voor het afdrukken van bepaalde buitenlandse tekens of technische symbolen, die bestaan uit twee tekens, maakt U gebruik van 'Stijl/Overslag' of slaat U <3> aan nadat U het eerste teken heeft ingetypt. De cursor springt een plaats teerug zodat U het tweede teken in kunt typen. Op het beeldscherm wordt alleen het tweede teken afgedrukt maar bij het afdrukken op papier zult U zien dat beide tekens over elkaar afgedrukt worden. AFDRUKKEN """"""""" Met WordPerfect heeft U diverse mogelijkheden om Uw tekst op papier te krijgen. U kunt bijvoorbeeld direct uit het werkgeheugen een bladzijde, document of een gemarkeerd blok printen of een bestand afdrukken zonder dat U dat eerst in WordPerfect laadt. In het laatste geval kunt U ook de gewenste bladzijden en kopieen aangeven. Deze opdrachten worden allemaal door het Print-programma gestuurd dat onafhankelijk van het WP-hoofdprogramma werkt en zich op de PRINT-diskette bevindt. Hieronder worden de toepassingen besproken: Print """"" Door aan te slaan of 'Print' aan te klikken komt U vanuit WordPerfect het gemakkelijkst in het Print-programma. Daar heeft U de keuze uit het direct afdrukken van de actuele pagina, het actuele bestand of de printercontrole. Heeft U een blok gemarkeerd dan kan dat ook meteen worden afgedrukt. De af te drukken tekst wordt tijdelijk in de T-directory opgeslagen als U de printfunctie aanroept, dit heeft als groot voordeel dat U gewoon verder kunt werken in WordPerfect tijdens het printen. Printer controle """""""""""""""" Met <3> of 'Print/controle', of direkt vanuit de workbench start U het Print-programma en verschijnt er een scherm. Hierin wordt U geinformeerd over het bestand wat bezig is met afdrukken, over de actuele pagina en kopie en over de printstatus als zodanig. Door middel van het aanklikken met de muis of het aanslaan van de letter die voor de optie staat kunt U uit de diverse opties kiezen. Bij de eerste optie kunt U kiezen uit zes verschillende standaardprinters of het aantal kopieen, de naadrand of de bestemming in te stellen. Als bestemming kunnen zowel fysieke apparaten dienen (b.v PAR: of SER:) als mede bestanden, die voorzien zijn van alle printerstuurtekens en later eenvoudig met het DOS-commando COPY Bestandsnaam TO PAR: naar de printer gestuurd kunnen worden. Stelt U een naadrand in dan wordt bij de even pagina's de tekst naar links verschoven en bij oneven pagina's wordt de tekst naar rechts geschoven, dit is makkelijk als U Uw tekst als boek wilt binden. De tweede optie, Toon Printers, laat U de actuele printer zien en de daarbij beschikbare lettertypen. Met de cursor pijltjes toetsen naar links en rechts kunt U kiezen voor een van de andere genoemde printers. Bij de derde optie, Kies Printers, kunt U Uw printer configureren zoals wij U reeds vertelt hebben. Printerjobs """"""""""" Kiest U meerdere bestanden uit om af te drukken dan worden deze op een wachtlijst gezet, deze staat in het onderste gedeelte van het 'Printer controle'-scherm. Het is mogelijk om enkele of meerdere printopdrachten uit deze wachtlijst op te heffen d.m.v. of 'Printopdracht(en) opheffen'. Wilt U het afdrukken van een bestand opheffen, dan moet U eerst het bestand markeren en roept U daarna de 'Printopdracht(en) opheffen'-functie op. U kunt ook een tekst met voorrang laten afdrukken door het aanslaan van of het aanklikken van 'Voorrang Printopdracht'. Het printen kan tijdelijk onderbroken worden met de optie 'Stop Printen' of wat nog wel eens makkelijk is als Uw papier mank loopt of als blijkt dat het printerlint moet worden vervangen. Wilt U daarna de printer weer starten drukt U de toets in. Deze optie heeft U ook nodig als U met de hand vellen papier invoert of als U een nieuw Daisy-wheel heeft geinstalleerd. Als U het Print-programma onafhankelijk van het WordPerfecthoofdprogramma gebruikt, dan kunt U het af te drukken bestand oproepen door middel van de optie

of 'Print document'. Roept U PRINT aan in een DOS-venster, dan kunt U de af te drukken bestanden als parameter opgeven, b.v. PRINT Bestand1 Bestand 2 Printen naar diskette """"""""""""""""""""" Om een tekst ongeformateerd naar een diskette te drukken, heeft U op de PRINT-diskette naast meer dan 250 printerdrivers ook de DOS-Tekst-Printer ter beschikking, die alle codes behalve [HRt] en [ZRt] filtert, en tabulators, kolommen en de inspringfuncties door bepaalde spaties vervangt. Als U de printerddrivers niet opnieuw heeft gedefinieerd, dan verschijnt de DOS-printer als printer F in het 'Verander print opties'-menu en vervangt het bestand TEXT.PRT uit de WordPerfect-directory (WP). Anders dient U de printer opnieuw te definieren zoals eerder beschreven.